augustus 2010

 

op stap

 

 

Eindelijk weer eens uit!

 

Zaterdag, 17 uur. De bel. ÔOmaaa!Õ gilt mijn dochtertje die al naar de voordeur rent. Een omhelzing. Jassen aan, vetertjes gestrikt. Een tas met schone kleren en slaapknuffels. Ik zwaai de auto na en voel de regendruppels, brrr. Uit?

Mama gaat uit. Heeft ze zich al een twee weken op verheugd. Drukke week gehad maar de onrust werd niet bevredigd door alleen werken en koken en boodschappen en kinderen knuffelen en vriendinnen bellen en jazzballet. De onrust zal vanavond bevredigd worden. In de disco. Hoop ik.

 

Stil in huis zonder kinderen. Ook wel saai. Ik verlangde zo naar een momentje voor mezelf maar zodra die twee kleine weg zijn, mis ik de levendigheid en kan ik me niet voorstellen hoe oersaai een leven zonder kinderen is. Maar voor nu is het wel even handig, want ik ga uit.

18 uur. Douche, nieuw colbertje aan. Rode lippenstift, speldje in haar, zwarte plateauhakken. Nee, toch iets anders.

19 uur. (Na mijn halve kast.) Toch maar dat colbertje. Met rode hakken dan. Beter.

 

In de tram sms ik Bo: ÔWe kunnen ook gewoon bij jou thuis blijven, wijntje drinken op de bank? Die regen!Õ Ik ben moe en vroeg me af waarom we dit plan ook alweer hadden verzonnen. Maar Bo wil helemaal niet thuis blijven, Bo wil uit. Met mij.

 

Net op tijd zijn we bij het theater, het is druk, de voorstelling uitverkocht. Twee uur lang zijn we in de ban van het stuk, een prachtige voorstelling, over oorlog en liefde, een traan en een lach. De spelers, het decor, wow! Mooie kunst en cultuur voelt verlichtend. Ik weet weer helemaal waarom ik hier ben, en niet thuis op de bank voor slechte tv-programmaÕs.

Een wijntje in de lounge. Ik ontmoet bij toeval een leuke vrouw waar ik ooit mee samenwerkte, we wisselen nummers uit. Een netwerk wordt toch opgebouwd in de avonduren.

 

23 uur. In het kleine dranklokaal kun je likeurtjes bestellen die Ôvolmaakt gelukÕ heten en Ôhoe later hoe lieverÕ. Uitzonderlijk goed geschikt om in de stemming te komen. Ik ben blij dat we buiten zijn. Het zware thema van het toneelstuk heeft plaatsgemaakt voor luchtigere gesprekken, over mannen, en mannen, en mannen, en euh, nouja mannen. Laten we gaan feesten! Dansen!

 

01 uur. De club is nog niet zo druk. Even wennen. Veel jongere vrouwen (meisjes?) lijken veel zelfverzekerder. Ze zijn het zeker beter gewend, jezelf een houding te geven in de disco. Nog een drankje, dan maar.

Het feestje heet Mardi Gras, naar het carnaval in New Orleans, een feest dat daar al bestaat al sinds de 17e eeuw en is gebracht door de Fransen. Om in de carnavalssfeer te komen, is er een verkleedhoek. De knappe gasten zijn allemaal al versierd. Hoeden, pruiken, kettingen, gekke jurken en veel schmink. Grappig, zou mijn dochtertje ook best leuk vinden. Is dat misschien ook  waarom uitgaan fijn is, omdat je jezelf (letterlijk of figuurlijk) kunt verkleden? Onbezorgd zijn? Je mooiste pak aan doen, je vriendelijkste lach op. Je kunt voor een avond even iemand anders zijn als je wilt, of een leuke versie van jezelf.

 

Bonzende beats, hippe tonen, een meezingende menigte. Handen in de lucht. Een klein dansje wagen. De cocktails kosten maar drie muntjes. Pfoe, mama is natuurlijk niks meer gewend. De dronkenmanspraatjes worden wel steeds grappiger. En het zelfvertrouwen groeit per drankje. Fijn om niet mama in joggingpak met ongekamde haren te zijn, of mama die op hakken met een fiets twee kinderen en vijf boodschappen tassen stuntelt, maar een soort gewild object. Flirten ontleer je blijkbaar niet zo snel.

 

03 uur. Hm, een sigaret in mijn hand. Ik rook toch eigenlijk niet meer? Nouja wel lekker. Verantwoordelijk zijn we morgen wel weer.

 

Dat had ik gemist.

 

04 uur. Ineens dat stemmetje: Ôdenk je aan morgen?...Õ fluister ik tegen mezelf. Ja, ik denk aan morgen. Het is de hoogste tijd. Bo gedag zeggen, mijn andere vriendinnen en vage kennissen . Een taxi naar huis. De wereld buiten draait een beetje. In een tevreden roes van rook en alcohol en muziek die gewoon doorgaat in mijn hoofd, rijden we de straten voorbij, flarden van gesprekken, gezichten van mensen zie ik nog voor me, ogen even dicht. Thuis, heel snel slapen.

 

De volgende dag een zwaar hoofd en veel te kort geslapen natuurlijk, want uitslapen ben ik ergens tussen de eerste en tweede baby wel verleerd. Hoofdpijn, honger, hoest. Maar vooral een gevoel van euforie over de avond, de mooie dingen, de lieve mensen. De onrust is weg, geheel en al bevredigd. Nieuwe inspiratie is ervoor in de plaats gekomen. Zin om met mijn kindjes te knuffelen, thee te drinken, tekeningen te maken en truttige andere dingen te doen. Oma brengt ze thuis. Samen zoeken we rust in alledaagse bezigheden. Heerlijk, dat het niet altijd zo woest hoeft, dat er een combinatie is.

 

 

 

Terug naar artikelen